Mijn lichtschakelunit wordt zeer warm / is doorgebrand. Wat te doen ?

Bij ingeschakeld dimlicht kan de lichtschakelunit erg warm worden, omdat de volle stroom van dim- en achterlichten -ruim 12 ampere- door de schakelaar gaat.

In tegenstelling tot het grootlicht wordt het dimlicht niet via een relais maar gewoon direct door de schakelaar geschakeld. Het gevolg is dat na verloop van tijd de interne constructie van de schakelaar smelt.

Wat u hieraan kan doen is het volgende: zorg ervoor dat de schakelaar een relais aanstuurt wat de lampen schakelt, in plaats van zelf de lampen te schakelen. Bijkomend voordeel: je verlichting gaat het beter doen omdat er minder spanningsverlies optreedt voor de lamp.

Simpel gezegd: knip de geschakelde draad naar de dimlichtaansluiting van je linkerkoplamp door en zet er een geïsoleerd kabelschoentje aan. Sluit dit aan op een bedieningspootje van een standaardrelais. Sluit het andere bedieningspootje met een kabeltje aan op de massa van de auto. Tak van het grote zwarte verdeelblok naast de accu (aan de pool) een kabel af, met een geïsoleerd kabelschoentje. Zet hier een standaard 10 A zekering aan. Ga vanaf de zekering verder naar één van de geschakelde pootjes van het relais. Ga vanaf het vierde pootje van het relais naar het resterende eind van de doorgeknipte lichtkabel, en maak een aftakking, met een kabel lang genoeg om het andere dimlicht te bereiken. Knip ook hier de kabel door, verbindt de relaisuitgang aan het dimlicht en isoleer het achterblijvende doorgeknipte kabeltje goed en bindt het aan de kabelboom.