Kun je een CX aanduwen of opslepen?

Het is mogelijk, zij het met een paar mitsen en maren.

Voor aanduwen en aanslepen is een absolute eis dat enige accuspanning resteert. Zonder dat gaat de dynamo niet aan de gang, en kan de elektriciteit die de motor nodig heeft om te kunnen draaien niet worden geleverd (alle CX typen m.u.v. de allereerste 2200D’s met handmatige motorstopknop).

Een automaat kan niet aangesleept worden!! Als het nodig is om een CX met automatische versnellingsbak te slepen kan dit het beste met de voorwielen van de grond. Als dat niet mogelijk is wees er dan van overtuigd dat het vloeistofniveau van de bak correct is en de snelheid tijdens het slepen niet boven de 48 km/u komt of de afstand niet groter is dan c.a. 50 km.


Een CX die plat op zijn buik ligt met stilstaande motor heeft zeer weinig bodemvrijheid, de remmen werken niet (m.u.v. de handrem).

* Aanduwen: is mogelijk, met dien verstande dat de weg redelijk vlak moet zijn omdat anders de auto vastloopt met de bodem op een hobbel. Een goed werkende handrem is gewenst. Bij benzine-injectieversies en -turbo’s de contactsleutel omdraaien om starten te simuleren als je de koppeling laat opkomen (het injectiesysteem ‘weet’ dan dat wordt gestart). Bij de diesels voorgloeien (niet te kort, maar ook niet langer dan normaal) tot direct voordat je de koppeling laat opkomen. In alle gevallen het contact aan als de auto begint te rollen. In de meeste gevallen zal de 3e versnelling moeten worden gebruikt en moet een tempo van een vlotte snelwandelaar kunnen worden gehaald tijdens het duwen.

* Aanslepen: is mogelijk, maar vereist is dat de handrem goed werkt (is te vaak niet het geval), en dat de BEIDE betrokken bestuurders zich er van bewust zijn dat in de eerste fase alleen die rem bruikbaar is en slechts een beperkte remvertraging kan opleveren. Alle aanwijzingen die gegeven zijn onder “Aanduwen” zijn hier eveneens van toepassing. Het motortoerental hoeft normaliter niet veel hoger te zijn dan 300 rpm (d.w.z..ca. 10km/u bij gebruik van de 3e versnelling).

* Opslepen naar de garage: is mogelijk, maar alleen als de motor in mechanisch opzicht kan draaien en het hydraulisch systeem functioneert. De opmerkingen over de handrem onder “Aanslepen” zijn hier eveneens van toepassing. Laat de motor meelopen tijdens het eerste deel van de sleeptocht, de hydraulische pomp wordt dan eveneens meegenomen en brengt het systeem onder druk. Als de auto eenmaal omhoog is gekomen werken de vering en normale remmen zoals zij dat behoren te doen, ook als de motor stilstaat. Zodra de auto eenmaal omhoog is zijn hobbels in de weg niet vervelender meer dan normaal, maar tot die tijd is het opletten.
Laat af en toe de motor weer even meedraaien om de druk in het hydraulische systeem te behouden. Dit is nodig omdat door interne lekkage de druk zakt (hoe sleetser het systeem hoe sneller) en omdat de stuurbekrachtiging oliedruk opsoupeert. Hoe beter de hogedrukbol op de HD-regelaar is hoe meer tijd je hebt tussen twee acties waarin de druk weer op peil moet worden gebracht. Druk weer op peil brengen doe je door tijdens rijden een versnelling in te schakelen en de koppeling op te laten komen. Het motortoerental hoeft tijdens die actie niet hoger te zijn dan 800rpm, dus gebruik steeds een zo hoog mogelijker versnelling om de trekauto en de sleepkabel niet onnodig te vermoeien (20km/u: 3e versn., 25 a 30 km/u: 4e versn. 35 a 40 km/u: 5e versn.). Gebruik de 1e en 2e versnelling bij voorkeur niet tijdens slepen: Dat kost echt veel kracht.

* Algemeen punt, voor alle sleepacties en alle merken auto’s: Houd de sleepkabel onder alle omstandigheden (ook tijdens remmen/vertragen en stilstand) strak. Maak hiertoe onderlinge afspraken hoe de bestuurder van de trekkende auto doorgeeft dat hij/zij gaat vertragen of remmen. De gesleepte auto moet steeds net iets eerder en harder remmen dan de trekauto om de kabel onder spanning te houden.